Profiel   Contact   Colofon   Adverteren   Abonnementen   Links   Events   Pensions News  



 
 
Pensioenontwikkelingen in de versnelling: van de ene overname in de andere

Gepubliceerd op:  02 Oktober 2006

De ontwikkelingen in de Nederlandse pensioenindustrie volgen elkaar in hoog tempo op. Het oer-Nederlandse Philips is hiervan een schoolvoorbeeld: nauwelijks een jaar geleden deed Philips zijn vermogensbeheerdivisie over aan Merrill Lynch Investment Managers, en nu wordt Merrill Lynch IM op zijn beurt alweer opgeslokt door BlackRock. Tussen de overnames door ging Bram van den Oever op bezoek bij de vermogensbeheerders om de ontwikkelingen op de voet te volgen.

Het is alweer een jaar geleden dat Philips het Nederlands pensioenwezen schokte met de beslissing om zijn vermogensbeheerdivisie Philips Pensions Competence Center (PPCC – het voormalige ‘Schootse Poort’) te verkopen aan Merrill Lynch Investment Managers (MLIM). Een jaar na de overname is er zowel voor het Philips-pensioenfonds als voor de geassocieerde vermogensbeheerder het nodige veranderd.

Begin dit jaar kwam MLIM met een nieuwe verrassing toen het de fusie tussen MLIM en BlackRock, de Amerikaanse vermogensbeheerder, aankondigde. In hoeverre deze ontwikkeling voor institutionele klanten voordelig uitpakt moet nog blijken, maar wel is al duidelijk dat het productenassortiment groter zal worden.

MLIM op de kaart

Voordat MLIM de vermogensbeheerafdeling van Philips overnam was de vermogensbeheerder maar minimaal aanwezig in de Nederlandse pensioenindustrie. Het mandaat van het Philips-pensioenfonds, dat toen al meer dan 12 miljard euro bedroeg, zette MLIM nadrukkelijk op de Nederlandse pensioenkaart. Vier jaar geleden stond MLIM met minder dan een miljard euro in de Nederlandse markt. Dit bedrag is inmiddels opgelopen tot meer dan 21 miljard euro, al moet daarbij gezegd worden dat de groei zeker niet alleen uit fiduciaire mandaten bestaat. Hiermee behoort MLIM ontegenzeggelijk tot de buitenlandse vermogensbeheerders die een groot stuk van de Nederlandse pensioentaart hebben weten te veroveren.

Door de experts bij MLIM werd de overname van PPCC gezien als een belangrijke stap in het streven om de vermogensbeheerder meer bekendheid te geven. Men bevestigt dan ook dat de overname mede werd gedaan vanuit strategische overwegingen. Ten tijde van de overname deed het overnamebedrag nogal wat stof opwaaien, omdat andere partijen MLIM ervan beschuldigden opzettelijk teveel te betalen om zich te kunnen inkopen in de Nederlandse markt.

Hoe het ook zij, de strategie van MLIM lijkt in ieder geval te zijn geslaagd – en het staat buiten kijf dat de vermogensbeheerder niet zoveel nieuwe mandaten had weten aan te trekken als daar geen prestaties tegenover stonden.

Zo zegt Leen Meijaard, algemeen directeur bij MLIM Nederland: “De breedte van ons productenaanbod en de gemiddelde goede rendementen hebben ertoe geleid heeft dat wij in Nederland veel gespecialiseerde mandaten hebben binnengehaald. Dit is overigens uiteindelijk ook de reden waarom wij het Philips-mandaat hebben gekregen.”

Fiduciaire controverse

Sommige externe experts zetten hun vraagtekens bij de reden dat MLIM het Philips-mandaat heeft verworven, omdat er indirect geld zou zijn betaald voor het mandaat. De wenkbrauwen worden hierbij nog extra gefronst omdat het in het geval van Philips gaat om een fiduciair mandaat.

In de discussie rondom ficuciair management (npn januari/februari 2006) bleek bovendien dat MLIM’s versie van fiduciair beheer niet altijd als de beste wordt gezien. Het binnenshuis beheren van een stuk van het fiduciair mandaat kan immers leiden tot belangenconflicten. Niet iedereen is enthousiast over een dergelijke belangenverstrengeling. Bij Goldman Sachs Asset Management meent men bijvoorbeeld dat elke ‘conflict of interests’ dient te worden vermeden, en men gaat zo ver te stellen dat er geen enkel product van Goldman Sachs in de fiduciaire portefeuille wordt opgenomen, zelfs als het gaat om producten met een uitstekend risico-rendementprofiel.

Aan de andere kant wordt hier wel tegen ingebracht dat intern beheer de kosten drukt, en een betere controle van de vermogensbeheerder en afstemming met de wensen van het bestuur van het pensioenfonds mogelijk maakt.

Meijaard meent dat de fiduciaire aanpak van MLIM goed te verdedigen is. “Wat ons als fiduciair manager aantrekkelijk maakt is juist het feit dat wij een groot gedeelte van het vermogen binnenshuis kunnen managen omdat wij een groot aantal producten hebben die het gewoon goed doen. We houden het aandeel van externe partijen dan ook beperkt tot een paar deelgebieden waar we minder goed in zijn,” legt hij uit. “Bovendien merken wij toch dat we een stuk beter dagelijks zicht hebben op het deel van de portefeuille dat we binnenshuis managen.”

Niet alleen fiduciair

MLIM is niet alleen geïnteresseerd in fiduciaire mandaten, zeker gezien het feit dat de grotere pensioenfondsen in Nederland voor verschillende gespecialiseerde beleggingscategorieën verschillende vermogensbeheerders aannemen. De vermogensbeheerder profileert zich als expert inzake Liability Driven Investment (LDI), maar is ook actief op het gebied van aandelenmarkten en andere categorieën.

“Wij zijn bijvoorbeeld geselecteerd voor een aantal emerging-marketmandaten, met name regionale mandaten. En ook op ‘enhanced index’ lijken wij geselecteerd te worden,” aldus Meijaard.

Sinds de overeenkomst met Philips werd gesloten is MLIM voor vijf fiduciaire mandaten overwogen. Hiervan heeft de beheerder er één gewonnen en twee verloren, terwijl over twee mandaten de beslissing nog niet gevallen is. Van de zes LDI-mandaten die in dezelfde periode op tafel lagen heeft MLIM er drie gewonnen en één verloren; de overige twee zijn nog ‘hangende’.

Een oogje op LDI

“De groei van MLIM is mede een gevolg van onze expertise op het gebied van ‘Liability Driven Investment’-mandaten. We houden ons hiermee bezig voor bijvoorbeeld Philips, maar ook voor andere klanten,” vertelt Meijaard.

MLIM zegt zich te onderscheiden van andere LDI-aanbieders niet alleen door maatwerkoplossingen te bieden maar ook door minder gebruik te maken van derivaten.

“Wij gaan altijd uit van de geprojecteerde verplichtingen en proberen daarbij de beste oplossing voor de klant te realiseren. In hoeverre we hierbij gebruik van derivaten hangt af van de voorkeur van de klant,” zegt William de Vries, voormalig hoofd beleggingen bij PPCC en nu directeur bij MLIM. “Andere partijen die dit soort oplossingen bieden gaan over het algemeen veel meer uit van uitsluitend gebruik van derivaten waarbij de klant in bestaande pools worden gezet.”

Het bijzondere van MLIM in vergelijking met andere partijen is bovendien de sterke lokale aanwezigheid, een aspect dat met name door de kleinere pensioenfondsen op prijs wordt gesteld. Dankzij de overname van PPCC wordt het overgrote deel van MLIM’s LDI-mandaten in Nederland beheerd. Volgens De Vries is het feit dat men Nederlandse experts ter plekke kan laten uitleggen wat er gaande is een duidelijke pré.

“Door de overname van de mensen die vroeger bij PPCC werkten hebben we een grote lokale aanwezigheid in vergelijking met de andere buitenlandse partijen,” voegt Meijaard toe. “Zo hebben we bijvoorbeeld vier ‘fixed income’-portefeuillemanagers ter plaatse. Deze deskundigen bieden het voordeel dat ze expertise op het gebied van fondsbeheer combineren met veel kennis van onderwerpen zoals het FTK.”

MLIM hoopt met betrekking tot LDI in de nabije toekomst een breder productenpakket aan te kunnen bieden door de fusie met BlackRock.

“De overeenkomst met BlackRock zal waarschijnlijk begin oktober rond zijn,” zegt De Vries. “Ik denk dat het productenaanbod van BlackRock de positie in Nederland alleen maar kan versterken. MLIM is wat minder sterk in gespecialiseerde fixed-incomeproducten en BlackRock is nu juist daarin heel erg goed.”

LDI-oplossing voor Philips?

Ook het Philips-pensioenfonds was in de periode rond de overname door MLIM op zoek naar een passende LDI-strategie. De looptijd van de verplichtingen van het Philips-pensioenfonds bedraagt 11 jaar, hetgeen in vergelijking met andere pensioenfondsen relatief kort is. Daardoor kan voor het pensioenfonds een groot gedeelte van de verplichtingen worden afgedekt door obligaties.

“Er is op dit moment een tweedeling in een matching- en een returnportefeuille waarbij minimaal 75% van de rente-exposure van de verplichtingen wordt afgedekt. Dit gebeurt door het gebruik van de totale obligatieportefeuille en deels door derivaten,” aldus William de Vries.

Volgens De Vries had de beslissing om PPCC te verkopen echter niets te maken met de beslissing om de verplichtingen af te dekken.

“Enerzijds was er in deze periode sprake van een heroverweging van het strategisch beleid waarbij werd gekozen om de renterisico’s af te dekken. Anderzijds werden er gesprekken gevoerd over mogelijke overname van PPCC. Deze twee trajecten waren op dat moment echter gescheiden,” vertelt De Vries.

Volgens De Vries is het een vergissing om te denken dat de beide trajecten iets met elkaar hadden uit te staan. “Sterker nog: het LDI-mandaat voor het Philips-pensioenfonds was al vergeven voordat de overstap naar MLIM plaatsvond,” aldus De Vries.

Toen de trajecten eenmaal samen kwamen bleek er echter een uitstekende aansluiting te zijn. De Vries: “MLIM was goed in staat om het mandaat over te nemen en in overleg met het bestuur van Philips verder vorm te geven.”

Daarnaast is voor Philips als onderneming met betrekking tot het afdekken van de verplichtingen ook een nauwkeurige afstelling van belang, men name met het oog op het nieuwe FTK. “Ook op het gebied van ‘fine tuning’ heeft MLIM natuurlijk een voordeel omdat ze groot zijn, en zowel een lokale als globale aanwezigheid hebben,” aldus De Vries.

De samenwerking met MLIM heeft naast voordelen ook structurele veranderingen opgeleverd. Zolang PPCC nog onder de vleugels van Philips viel was er een directe connectie tussen het pensioenfonds en de vermogensbeheerder. Op dit punt is wel het een en ander veranderd: toen PPCC aan MLIM werd verkocht is er een directiebureau opgericht dat als aanspreekpunt voor MLIM fungeert.

“Door deze structuur is de afstand tussen de vermogensbeheerder en het Philips-pensioenfonds wat vergroot. Dat is denk ik een goede zaak,” vertelt De Vries. “Overigens zal MLIM bij bijeenkomsten van het beleggingscommittee zijn visie geven op de gang van zaken, net zoals PPCC dat vroeger deed.”


Ontwikkelingen in historisch perspectief


De ontwikkelingen op pensioengebied volgen elkaar de laatste jaren steeds sneller op. Het pensioenfonds van Philips is hiervan een sprekend voorbeeld, zoals blijkt uit dit historisch overzicht:

Printbare versiePrintbare versie

 


Related articles:
Headlines van andere FT Business publicaties
DPN: Deutsche Pensions & Investment Nachrichten
• Quant in Sicht
• Auf Feindts Terrain
• Brief aus Berlin
European Pensions & Investment News
• Investors short-tempered as sun sets on affordable oil
• New blood keeps wind in AP1’s sails
• Denmark
Nordic Region Pensions & Investments News
• Avoiding the commodities crash fallout
• Danish funds pressured into slashing costs
• Danish fund uses chameleonic strategy to beat credit crisis
Pensions Management - the magazine for pension & investment industry professionals
• Cat food generation can be auto-enrolled, says EU
• Putting the pedal to the metal
• Get under the bonnet
Professional Wealth Management
• Fevered fund houses seek Teutonic cure
• Santander am waits for new golden years
• Selecting the right product
 ARCHIEF



 

Contact
Abonnementen
Privacy Policy
Terms and Conditions
Webmaster

Mailing address: Financial Times Ltd, Number One Southwark Bridge, London, SE1 9HL, United Kingdom

© The Financial Times Limited 2008