Verantwoord beleggen weer terug op de agenda
Gepubliceerd op: 30 Mei 2007
(April/Mei 2007)
|
|
Floris Lambrechtsen, directeur Double Dividend
|
In maart is Floris Lambrechtsen gestart met Double Dividend, een adviesorganisatie die zich specifiek richt op verantwoord beleggen. Een goed gevoel voor timing zo blijkt, want sinds de uitzending van Zembla over pensioenfondsen die in clusterbommen beleggen is verantwoord beleggen weer helemaal terug op de agenda. Naar aanleiding van de Zembla-uitzending bespreekt Lambrechtsen wat pensioenfondsen te doen staat.
Pensioenfondsen concentreren zich op het behalen van rendement en hebben moeite om daarbij de maatschappelijke norm in het oog te houden, zo bleek uit een uitzending van Zembla in maart over pensioenfondsen en clusterbommen. De werkelijkheid ligt een stuk gecompliceerder dan deze uitzending deed vermoeden. Een aantal institutionele beleggers geeft zich wellicht nauwelijks rekenschap van sociale en milieu-gerelateerde aspecten van beleggen, maar veel pensioenfondsen doen dat wel degelijk. Zij richten zich op het behalen van strategische voordelen door kennis van milieu, mensenrechten en goed bestuur toe te passen op het beleggingsproces. Men maakt daarbij echter gebruik van geavanceerde engagement-technieken en beschouwt het botweg uitsluiten van ‘foute’ aandelen als achterhaald – waardoor men alsnog in botsing komt met een maatschappij die daar anders over denkt.
De recente discussie over ethisch beleggen wordt door deze partijen al snel als ‘prehistorisch’ gezien.
Prehistorisch of niet, het is in ieder geval een hete aardappel die gegeten moet worden, om te voorkomen dat pensioenfondsen het vertrouwen verliezen van de deelnemers. Uit onderzoek van de Telegraaf onder 2.500 deelnemers blijkt dat bijna tweederde vindt dat pensioendirecties niet zelf mogen uitmaken waarin wordt belegd.
Vooroordelen staan een professionele aanpak in de weg
Pensioenfondsen weten heel goed dat zij in controversiële activiteiten beleggen en dat dit wel eens slecht zou kunnen vallen bij deelnemers. Zij zien echter een aantal problemen die een serieuze en professionele aanpak in de weg staan. Deze obstakels zijn lang niet zo onoverkomelijk als men wel denkt.
In de eerste plaats vinden pensioenfondsen het ondoenlijk om te bepalen wat maatschappelijk controversieel of geaccepteerd is. Veel discussies worden vanuit emotie gevoerd en wanneer mensen vanuit emotie redeneren dan zie je verbijstering die omslaat in paniek. Dit dilemma is op te lossen door internationale normen en wereldwijde beleidsprogramma’s te hanteren. Voorbeelden zijn verdragen over bescherming van mensenrechten en arbeidsomstandigheden of een verbod op de productie van anti-persoonslandmijnen. Bij de programma’s kun je denken aan VN-programma’s gericht op duurzame ontwikkeling, zoals beschikbaarheid van energie en zoet water voor komende generaties. Deze normen en programma’s kunnen pensioenfondsen uitstekend gebruiken als referentiepunt voor het eigen beleid.
Pensioenfondsen hebben een eigen achterban, georganiseerd via werkgevers en werknemers op branche- of ondernemingsniveau. Dat geeft ruimte voor het invullen van de eigen identiteit. Als pensioenfonds kun je zelf bepalen hoe ver je wilt gaan bij het uitsluiten van ondernemingen, wat de kosten daarvan zijn en daar veantwoording over afleggen. Maar je kunt verantwoord beleggen ook positief invullen. Een fonds met een achterban in textiel kan zich bijvoorbeeld hard maken voor afschaffing van uitbuiting van kinderen, door de dialoog aan te gaan met ondernemingen die zich hieraan schuldig maken. De Noorse bank heeft op dit thema een engagementstrategie ontwikkeld en is naar ik weet op zoek naar medestanders.
Vrees voor rendementsverlies onterecht
Pensioenfondsen zijn wettelijk verplicht om een hoog en stabiel rendement na te streven op basis van de Pensioenwet. Een van de basislessen in het beleggen is diversificatie. Vandaar dat bij fondsen de vrees bestaat dat verantwoord beleggen leidt tot beperking van het universum en daarmee tot verlies van rendement.
Als je de dertien ondernemingen die genoemd werden in het programma Zembla uitsluit, kost je dat op jaarbasis bij een rendement van tien procent op die ondernemingen zo’n vijf basispunten, uitgaande van hun relatieve weging in de index. Dat is niet materieel. Uitsluiten kan dus wel degelijk zonder rendementen in te leveren. Het is een kwestie van zoeken naar de juiste balans en daar verantwoording over afleggen.
Uit onderzoek van de Erasmus Universiteit blijkt juist dat duurzame beleggingsfondsen vergeleken met traditionele beleggingsfondsen een vergelijkbaar rendement hebben tegen een lager risico, wat zou inhouden dat deze beleggingen op termijn beter renderen.
Overigens zie je wel dat in het begin leergeld wordt betaald omdat men de onderwerpen niet goed beheerst. Je moet bijvoorbeeld goed op de hoogte zijn van milieuwetgeving om te kunnen bepalen welke impact het heeft op een sector. Uiteindelijk maak je daardoor wel een betere risico/rendementskeuze. Uit ervaring blijkt dat beleggers die zich verdiepen in milieu of sociale kwesties een ander gezicht van de onderneming te zien krijgen, waardoor een evenwichter beeld ontstaat. Om een voorbeeld te geven: De koers van een oliemaatschappij kan een behoorlijke smak maken na een ontploffing op een raffinaderij. Vaak staan dit soort incidenten niet op zichzelf maar kun je een patroon ontdekken. Zo is er vaak een geschiedenis van besparingen op veiligheidsmaatregelen, lekkende pijpleidingen, investeringen in natuurgebieden. Men denke hierbij aan Britisch Petroleum, dat zich nadrukkelijk als ‘groen’ positioneerde. Je moet als belegger wel door het plaatje van de onderneming zelf heen kunnen prikken.
Duurzaamheidsinformatie groeit sterk in omvang en kwaliteit
Hiermee komen we op het derde dilemma dat pensioenfondsen parten speelt: Hoe bepaal je nu of ondernemingen verantwoord opereren? Ondernemingen zijn niet altijd transparant op dit vlak, en maken zich soms zelfs schuldig aan welbewuste ‘greenwashing’. Desalniettemin is dergelijke informatie wel degelijk beschikbaar. BP won op de VN-wereldtop in 2002 bijvoorbeeld de ‘greenwash award’, omdat milieuorganisaties al lang wisten dat BP het niet zo nauw nam met duurzaam ondernemen. Dit soort kennis is niet verwerkt in de aandelenkoers omdat beleggers dit als a-typische informatie beschouwen die niet in hun waarderingsmodel tot uitdrukking komt.
Inmiddels zijn er wereldwijd diverse aanbieders van duurzame bedrijfsinformatie, waarmee beleggers tot een geïnformeerd oordeel kunnen komen. De omvang en kwaliteit van deze informatie groeit sterk . Beleggers kunnen deelnemen aan het Enhanced Analytics Initiative, waarbij deelnemers vijf procent van hun budget voor analistenrapporten besteden aan kwalitatief hoogwaardige duurzaamheidsinformatie.
Professionele aanpak in de praktijk
Verantwoord beleggen in de praktijk begint met beleid. Pensioenfondsen kunnen verantwoord ondernemen opnemen in de verklaring van beleggingsbeginselen, terwijl het beleid verder keuzes kan specificeren zoals uitsluitingen, positieve selectie, engagement of thema-beleggen.
Vervolgens is het van belang om duidelijke beleidsdoelstellingen te vertalen naar concrete maatregelen in het beleggingsproces op portefeuilleniveau. Start met een dialoog met portefeuillemanagers over nut en noodzaak, en zorg voor deskundigheid in huis op de relevante thema’s. Bij positieve selectie draait het om intelligent omgaan met informatie over milieu, mensenrechten en goed bestuur. Verschillende pensioenfondsen en vermogensbeheerders hebben inmiddels portefeuilles draaien op dit principe. Tevens is het mogelijk om als aandeelhouder het bestuur van een onderneming te stimuleren op verantwoord gedrag, het zogeheten engagement. Voorbeelden zijn het Pharma Futures en Institutional Investors on Climate Change, waar pensioenfondsen samenwerken op aandeelhoudersactivisme richting ondernemingen waarin ze beleggen. Als laatste kun je aan thema-beleggen denken: alternatieve beleggingsstrategiën als private equity die zich richten op water; duurzame energiefondsen of CO2-emissierechten.
Een derde stap betreft governance. Bij de uitvoering en borging van het beleid kun je het beste aansluiten op het in de organisaties bestaande aansturings- en beoordelingsmodel. Op businessunitniveau kun je prestatie-indicatoren en doelstellingen ontwikkelen omtrent het totaal beheerd vermogen dat intelligent gebruik maakt van duurzaamheidsinformatie, of het aantal ondernemingen waarop geïnformeerd wordt gestemd. Deze borging van het beleid is belangrijk om geloofwaardig te blijven. Op die manier voorkom je dat je per abuis met het management meegaat in het afwijzen van een beleid op klimaatsverandering, zoals Nederlandse pensioenfondsen nu nog overkomt.
De laatste stap gaat om verantwoording: Het publiceren van het gevoerde beleid ten behoeve van het bestuur, de deelnemersraad en overige belanghebbenden. Het is verstandig om actief te onderzoeken welke belangen er leven en niet te wachten ‘tot we iets horen’.
Strategisch inspelen op maatschappelijke tendensen
Pensioenfondsen hebben als typische langetermijnbeleggers belang bij een stabiele samenleving. Daarom zouden ze strategisch in moeten spelen op mogelijke ontwrichting door gebrek aan energie en zoet water of klimaatsverandering, in plaats van af te wachten tot de maatschappij met hoge kosten wordt opgezadeld. Bestuurders en deelnemers van pensioenfondsen zouden er goed aan doen om niet alleen op een kortetermijnrendement te sturen. Er zijn inmiddels genoeg mogelijkheden om financieel rendement te combineren met maatschappelijk welzijn. De externe druk om dit te doen zal bovendien toenemen. Pensioenfondsen staan nu in de belangstelling van maatschappelijke organisaties en ik verwacht het komende jaar nog diverse publicaties op dit vlak die de nodige aandacht van de media krijgen. Het beste is om stakeholders (deelnemers en daarbuiten) actief te betrekken, maar dat zijn pensioenfondsen – met alle respect - niet gewend. Een goede stap in deze richting is het ondertekenen van de Principles for Responsible Investment (PRI), een initiatief van de VN. Deze richtlijnen bieden houvast om verantwoord beleggen op maatregelniveau op te pakken en de nodige transparantie over de implementatie te geven.
Printbare versie
|