Beste lezer,
Gepubliceerd op: 30 Mei 2007
(April/Mei 2007)
Het zou een voorjaar met vaart worden, beloofde ik u in de vorige npn De vaart zit er inderdaad flink in.
Er is beweging op vele fronten. Op de beurzen bijvoorbeeld: Er werd eerder dit voorjaar plots uitverkoop gehouden waardoor vooral opkomende markten een gevoelige tik kregen. Dichter bij huis heeft België een wervingscampagne gelanceerd waarbij grof geschut in de persoon van de Belgische premier wordt ingezet om Nederlandse pensioenfondsgelden te veroveren. En hier ten lande heeft de recente mediabelangstelling voor het ethisch gehalte van pensioenbeleggingen de discussie over de verantwoordelijkheden van pensioenfondsen een nieuwe impuls gegeven.
Verantwoordelijkheden beheersen het pensioenveld natuurlijk al langer dan vandaag. De sector heeft er twee: de fiduciaire en de maatschappelijke verantwoordelijkheid. Tussen deze beide bevinden pensioenfondsen zich nu in een mijnenveld.
Enerzijds is er de plicht om deelnemers van een goed en betaalbaar pensioen te voorzien. Anderzijds dient men dit op maatschappelijk verantwoorde wijze te doen. Geen eenvoudige opgaaf. Wel één die de vaart erin houdt: De pensioensector zoekt voortdurend naar nieuwe wegen om zijn verantwoordelijkheden niet alleen te vervullen, maar ook met elkaar te verenigen.
Maatschappelijke verantwoordelijkheid behelst meer dan een inspanning om de normen van het maatschappelijk aanvaardbare niet te overschrijden. De wortel van verantwoordelijkheid is niet voor niets ‘antwoord’: Het betekent ook dat men zich ten overstaan van de samenleving actief verantwoordt. Dat vereist een constante dialoog en heldere communicatie met de maatschappelijke achterban. Gezien de maatschappelijke beroering in reactie op de recente uitzending van het televisieprogramma Zembla, waarin pensioenbeleggingen in wapenfabrikanten, kinderarbeid en milieuvervuilers aan de kaak werden gesteld, vraagt de pensioenwereld zich af of men zich dat laatste wel voldoende gerealiseerd heeft.
Vanuit de sector is aan npn gevraagd om, als het stof eenmaal wat is neergedaald, een platform te bieden voor een genuanceerde discussie over dit onderwerp. Wij geven aan dat verzoek in de volgende editie van npn graag gevolg.
Aan het andere einde van het spectrum brengt fiduciaire verantwoordelijkheid zijn eigen uitdagingen met zich mee. Vooral de vraag of – en zo ja, hoeveel – men moet delegeren houdt de gemoederen bezig. Fiduciaire vermogensbeheerders bieden van links en rechts aan om zorgen uit handen te nemen. In een steeds complexere pensioenwereld klinkt dat aanbod zo gek nog niet. Maar tegelijkertijd roept de propositie veel vragen op. Biedt fiduciair beheer het ultieme antwoord op de toenemende complexiteit van het pensioenfondsbestaan? Of een enkele reis naar de zijlijn? En als men voor fiduciair beheer kiest, wat geeft men precies uit handen, en aan wie?
In deze npn wordt fiduciair beheer vanuit verschillende invalshoeken belicht, met een reportage over fiduciaire uitbesteding, een kenschets van de drie typen aanbieders die in deze markt actief zijn en een uitgebreid aanbiedersoverzicht. Daarnaast is er aandacht voor fiduciaire ‘insourcing’ van deeloplossingen. En voor een minder bekend alternatief, dat bijvoorbeeld door het Heineken pensioenfonds wordt gepraktiseerd: fiduciair doe-het-zelven.
Bovendien wordt de mening van de pensioenwereld in kaart gebracht middels een fiduciaire enquête onder pensioenfondsen.
U vindt ze de laatste tijd vaker in npn: enquêtes en ‘specials’ over vraagstukken die de pensioengemoederen bezig houden. Het is immers onze verantwoordelijkheid u goed te informeren en daarin nieuwe wegen te vinden. In dit nummer treft u bijvoorbeeld voor het eerst de PensioenKartoen aan, die vanaf nu een scherpe maar komische noot toevoegt aan het blad. Ook bij npn houden we zo de vaart erin.
Mariska van der Westen, hoofdredacteur, npn
Printbare versie
|