Profiel   Contact   Colofon   Adverteren   Abonnementen   Links   Events   Pensions News  



 
 
Nieuwe alternatieven nader bekeken

Gepubliceerd op:  23 Augustus 2007 (Augustus/September 2007)

Naarmate institutionele beleggers meer op zoek gaan naar 'marktbestendige' rendementen en de vraag naar geavanceerdere beleggingsvehikels toeneemt, lanceert de vermogensbeheerindustrie voortdurend nieuwe alternatieve producten. Mark Pearce, Investment Specialist, Fixed Income en Alternative Investments bij Threadneedle Investments, bespreekt de laatste trends op alternatief gebied.

Met de neergang van de aandelenmarkt van 2000 tot 2003 nog al te vers in 't geheugen van de beleggers, is er de laatste jaren een toenemende belangstelling voor alternatieve beleggingen. Nu de trends in de vermogensbeheerindustrie snel veranderen, reageren traditionele fondsmanagers door het lanceren van hun eigen alternatieve producten.

Hedgefondsen - de meest pure alternatieve strategie - bestaan in feite al meer dan een halve eeuw. De sector kreeg een dreun na de LTCM-crisis in 1998, maar is exponentieel gegroeid sinds de technologiebel barstte in 2000 (er bestaan op dit moment rond 10.000 hedgefondsen). In die tijd werden veel beleggingen ondergebracht in hedgefondsen, die werden gezien als instrumenten om vermogen te beschermen en geld te verdienen als de markten in een neergaande lijn bewegen. In dit klimaat was het vrij eenvoudig voor getalenteerde managers om voor zichzelf te beginnen en kapitaal aan te trekken.

Een meer uitdagende markt

Het scenario van vandaag de dag is enigzins anders, aangezien de hedgefondssector tekenen van volwassenheid begint te vertonen. Hoewel het hedgefondsuniversum nog steeds groeit, wordt een toenemend aantal fondsen opgeheven om redenen zoals slechte performance, consolidatie of gebrek aan kapitaal. Het recente omvallen van twee ‘high profile’ hedgefondsen met posities in de Amerikaanse sub-prime markt bracht ongewenste publiciteit. Het is niet waarschijnlijk dat deze trend zal afnemen. Tegen de achtergrond van een drukker bevolkte markt en ongunstig nieuws wordt het daarom veel moeilijker voor kleine bedrijven om nieuwe beleggers aan te trekken.

Dit heeft gevestigde, traditionele beheerders van long-only fondsen de gelegenheid gegeven om een groter aandeel in de hedgefondssector op te eisen. Toch hebben tot dusver slechts enkele huizen deze stap genomen. Degenen die de stap wel hebben gezet, hebben twee doelen gerealiseerd. Ze hebben niet slechts de productmix met hogere marge binnen hun fondsbereik vergroot, maar ze hebben ook geholpen om hun beste fondsmanagers vast te houden en te motiveren.

De toegenomen belangstelling voor hedgefondsen bij traditionele fondsmanagers komt op een moment dat de doelstellingen van hun klanten meer geavanceerd worden, in het bijzonder aan de institutionele kant van de business. Er heeft zich onder pensioenfondsen gedurende de laatste tien jaar een trend ontwikkeld om te diversifiëren, weg van de eenvoudige 'balanced' fondsbenadering in de richting van een vermogensbeheer ten opzichte van op maat gemaakte benchmarks die beter zijn afgestemd op het voldoen aan hun toekomstige verplichtingen. Tegelijkertijd is men bijvoorbeeld de grotere, meer volwassen aandelenhedgefondsen anders gaan bekijken.

Een veranderd inzicht

In plaats van beschouwd te worden als vol-strekt speculatieve waagstukken, worden hedgefondsen nu gezien als meer conservatieve, minder volatiele beleggingsvehikels. Voor een toenemend aantal beleggers bieden ze de voordelen van diversificatie en vermogensbescherming, terwijl tegelijkertijd consistente en absolute rendementen worden gerealiseerd die beter presteren dan cash en die op de langere termijn met aandelen vergelijkbare rendementen opleveren. De traditionele fondsmanagers zijn echter niet de enigen die zich aanpassen. Aan de andere kant van de groeiende trend naar convergentie ziet men dat grotere hedgefondsmanagers zelf long-only fondsen gaan lanceren. Deze stap stelt hen in staat om hun klantenbasis en hun productenassortiment te diversifiëren.

Absolute rendementsfondsen: een heel ander verhaal

Voor beleggers die nog steeds op hun hoede zijn voor de volatiele reputatie van hedgefondsen, zijn absoluut rendementstrategieën ontworpen om een meer betrouwbare optie te bieden. Door cash als hun ware beleggingsbenchmark te beschouwen, is het streven van absoluut rendementmanagers er gewoonlijk op gericht nooit geld te verliezen op een één jaar rolling basis. Dit type manager zou er bijvoorbeeld naar kunnen streven om een positief rendement te realiseren, na aftrek van kosten, boven cash.

Eén van de manieren waarin ze verschillen van hedgefondsen is dat een dergelijke fondsmanager deskundigheid in meervoudige vermogenscategorieën moet kunnen laten zien. Als een aandelenmanager uit is op absoluut rendement in plaats van zich te richten op het overtreffen van een aandelenindex, voelt hij zich wellicht niet verplicht om een positie te nemen in elk van de large-cap bedrijven en zou hij een nul-weging kunnen hebben in alle aandelen die hem niet aanstaan. Echter, om onder alle omstandigheden absolute rendementen te verkrijgen is het waarschijnlijk niet slim om zich alleen op aandelen te concentreren. De manager moet daarom afhankelijk van economische en marktomstandigheden ook internationale aandelen, obligaties, cash, commodities, valuta en dergelijke in overweging nemen, en het volgen van een bepaalde asset-allocatiebenchmark vermijden. Ook derivatencontracten kunnen worden toegelaten, al wil dit niet automatisch zeggen dat de manager mag speculeren door short te gaan (iets wat de meeste hedgefondsmanagers wel wordt toegestaan).

Dit betekent dat aan absoluut rendementmanagers in het algemeen toestemming moet worden verleend om flexibel te zijn ten aanzien van asset-allocatie, in plaats van zich te moeten houden aan een specifieke benchmark, zoals 50% obligaties, 50% aandelen. De managers zullen vervolgens alloceren aan die beleggingscategorieën waarvan ze geloven dat die op het ogenblik voor hun doeleinden het meest geschikt zijn; een proces dat bekend staat als 'tactische' vermogensallocatie.

Een moeilijk vak om onder de knie te krijgen

Absoluut rendementmanagers bepalen meestal een mondiale 'kern' visie om de gebieden te identificeren waarin naar de meeste waarschijnlijkheid - op basis van afgewogen kansen - geld te verdienen valt. Tegelijkertijd moet men beseffen dat voorspellingen ernaast kunnen zitten. De toekomst is eenvoudig te ondoorzichtig en te complex om te voorspellen, vooral op de korte termijn. Dienovereenkomstig zijn defensieve of 'neutraliserende' beleggingen meestal nodig om de kernposities te diversifiëren.

Het probleem voor absoluut rendementmanagers is dus dat ze zich niet kunnen veroorloven om ook maar iets niet goed te doen. Deze strategieën eisen een hoger niveau aan middelen, aangezien er minder ruimte is voor researchfouten. Managers moeten niet alleen weten wat anderen denken, maar ook absolute waarden kennen.

De werkelijke test voor absoluut rendementstrategieën zal komen als de markt een blijvende neergang doorstaat. Ze zouden beter moeten presteren in situaties waar uitsluitend vanuit een netto shortpositie echt geld kan worden verdiend. De globale scherpe verhoging in volatiliteit op aandelenmarkten wegens krediet-tekorten geven deze veelal onbeproefde strategieën de ideale kans om hun voordelen met betrekking tot long-only producten te demonstreren. Het probleem is dat veel fondsen in deze omstandigheden onbeproefd zijn.

130/30-fondsen veroorzaken grote
toestroom

Ondanks teleurstellende prestaties van veel absoluut rendementfondsen, blijken beleggers met grote verwachting uit te zien naar de komst van de volgende generatie alternatieve strategieën: de 130/30-fondsen. Er zijn meerdere redenen waarom deze nieuwe producten belangrijk zijn. Ten eerste geven ze fondsmanagers met bewezen aandelenselectievaardigheden de mogelijkheid om additionele alfa te genereren binnen een gereguleerd kader. Dit doen zij door de traditionele long-only benadering te combineren met de mogelijkheid om short te gaan met een beperkt deel van de portefeuille. Ten tweede bieden ze pensioenfondsbesturen iets waartoe ze voorheen moeilijk toegang konden krijgen, namelijk gereguleerde blootstelling aan een alternatieve stijl van beleggen, tegen sub-hedgefondsprijzen. En ten derde, als gevolg van de voornoemde voordelen, hebben ze in de markten waar ze al gevestigd zijn grote sommen geld aangetrokken.

130/30-fondsen kunnen worden gezien als het midden tussen traditionele long-only fondsen en standaard hedgefondsen. Dit verklaart veel van hun aantrekkingskracht in de institutionele markt, want ze geven fondsen toegang tot de zeer gewilde alternatieve strategieën zonder dat ze hedgefonds-exposure hoeven uit te leggen aan mogelijk nerveuze bestuursleden.

Het 130/30-fonds bevindt zich ook ergens tussen long-only en hedgefondsen in termen van risico en beloning. Het is echter belangrijk om de verschillende componenten van dat risico en dat rendement te onderkennen. Terwijl een traditioneel long-only fonds de relatieve prestatie van de index plus 3% als doelstelling kan hebben, zal een hedgefonds trachten het marktelement er uit te halen en mikken op een absoluut totaalrendement van cash plus (bijvoorbeeld) 10%. Door long- en shortposities elkaar te laten compenseren, zal het 130/30-fonds mikken op een bèta van 1. Met andere woorden, het zal met de markt op en neer bewegen. Maar het zal een hogere alfa als doel hebben dan een long-only product en zal ook een hogere tracking error laten zien.

Beleggers in zulke fondsen zullen dus een zeker marktrisico nemen en zullen afhankelijk zijn van het vakmanschap van de fondsmanager om hoge niveaus van alfa te genereren bovenop de markt. Beleggers op zoek naar mogelijkheden om het rendement van hun aandelenportefeuille op te schroeven zonder zich buiten UCITS te wagen, zijn dan ook de meest aangewezen kopers van het product, terwijl de bewezen 'stock pickers' de natuurlijke leveranciers zullen zijn.

Lagere tarieven

Pensioenfondsbesturen zullen hun fondsen waarschijnlijk alleen toevertrouwen aan huizen die een robuuste track record kunnen laten zien aan zowel de long als de short kant. Maar aangezien de tarieven doorgaans lager liggen dan bij hedgefondsen, tonen pure hedgemanagers slechts incidenteel belangstelling. Huizen met zowel een gevestigd long-only bedrijf als een bewezen expertise in de hedge-arena zijn daarom de meest waarschijnlijke aanbieders van dit nieuwe type product.

Doordat ze het beste van de traditionele en hedgefondssectoren combineren, vormen 130/30-fondsen voor veel pensioenfondsklanten werkelijk een aantrekkelijke mogelijkheid. En vanwege de extra vuurkracht die ze leveren, zijn ze ook een aantrekkelijk product voor fondsmanagers om te ontwikkelen. Deze combinatie gaat zeker tot een snelle groei leiden van het aantal fondsen dat gedurende de volgende paar maanden beschikbaar zal komen.

Kies uw leverancier zorgvuldig

Dus wat brengt de toekomst voor hedgefondsen? De grote onbekende is de mate waarin reguliere beleggers in staat zullen zijn mee te doen met het verder doorontwikkelen van hedgefondsen. Op dit moment is de voornaamste hindernis van reglementaire aard. Hedgefondsen werken in structuren die minder transparant zijn dan traditioneel beheerde fondsen. Begrijpelijkerwijs geeft dit wat onrust voor organisaties als de SEC in de Verenigde Staten of de FSA in het Verenigd Koninkrijk, die er op gericht zijn om het belang van de belegger te beschermen. Helaas beperkt dit ook het vermogen van een dergelijke belegger om de prestatie- en diversificatievoordelen van hedgefondsen uit te buiten.

Geen wonder dat traditionele beleggingsmanagers dit gat in de markt hebben onderkend en nu innovatieve totaal rendement-, absoluut rendement- en marktneutrale producten op de markt brengen. De strategieën die door de hedgefondsen worden ingezet zijn echter riskant en vereisen specialistische bekwaamheden, en vele traditionele managers zijn slecht uitgerust om zulke risico's te beheren. Dus voor degenen die overwegen om het alternatieve pad op te gaan, is het aan te raden om een manager te kiezen met aantoonbare deskundigheid in alle beleggingscategorieën en de strategische flexibiliteit om die expertise ten volle in te zetten.

Printbare versiePrintbare versie

 


Related articles:
Headlines van andere FT Business publicaties
DPN: Deutsche Pensions & Investment Nachrichten
• Quant in Sicht
• Auf Feindts Terrain
• Brief aus Berlin
European Pensions & Investment News
• Dutch fund hangs tough with minor gains
• Norwegian government fund seeks to raise ‘gold standard’
• Turkish military fund boasts returns surge
Nordic Region Pensions & Investments News
• Avoiding the commodities crash fallout
• Danish funds pressured into slashing costs
• Danish fund uses chameleonic strategy to beat credit crisis
Pensions Management - the magazine for pension & investment industry professionals
• Cat food generation can be auto-enrolled, says EU
• Putting the pedal to the metal
• Get under the bonnet
Professional Wealth Management
• Funds must fight to win back buyers
• Belgian firm embraces new stomping grounds
• Identifying opportunities in dark times
 ARCHIEF



 

Contact
Abonnementen
Privacy Policy
Terms and Conditions
Webmaster

Mailing address: Financial Times Ltd, Number One Southwark Bridge, London, SE1 9HL, United Kingdom

© The Financial Times Limited 2008