Blok: PGGM en ABP eten van twee walletjes
Gepubliceerd op: 08 Februari 2008
|
|
Stef Blok, Tweede Kamerlid en woordvoerder Pensioenen voor de VVD
|
Anke Claassen vraagt woordvoerder Sociale Zaken van de VVD Stef Blok wat er mis is met de verplichte deelname en waarom de volgens Blok 'usual suspects' ABP en PGGM zo fel reageren op zijn voorstellen hieromtrent. Ook over de API's en de commotie rond het Philips pensioenfonds is de VVD nog niet uitgepraat.
Felle kritiek
De VVD is jarig. Dat is voor Blok geen reden om een milde toon aan te slaan over de reactie van pensioengiganten ABP en PGGM op zijn ingezonden artikel over de aanpassing van de verplichte deelname. Dit artikel verscheen 29 november in het Financieele Dagblad en de kritiek op Blok was niet mals. Blok: “De VVD plaatst van oudsher kanttekeningen bij de verplichte deelname. Dit idee komt helemaal niet uit het donkere bos. Deze discussie is in het verleden - toen de wet op de verplichte deelname door de kamer kwam - precies zo gevoerd.”
Volgens Blok zal die wet op termijn de tand des tijds niet doorstaan. Een veranderende maatschappij vraagt nu eenmaal om veranderende wetgeving. “Allereerst vind ik, ook als liberaal, dat bovenop de AOW een pensioenregeling noodzakelijk is. Landen die dat niet hebben, kampen met grote problemen. Maar de verplichtstelling die wij nu kennen is veel te rigoureus.”
Dit werd bevestigd in de discussie rondom beleggingen in de wapenindustrie, vindt Blok. “Militairen zullen over het algemeen niet tegen het beleggen in wapens zijn, veel leraren wel. Toch kan niemand hierin een eigen keuze maken. Bedrijfstakken zijn nu eenmaal erg divers, dat wordt in de toekomst echt niet minder.”
Mensen wisselen ook steeds vaker van loopbaan. Ook dat maakt de huidige verplichtstelling er niet makkelijker op, zo vindt de VVD. “Dit kan problemen opleveren met pensioenen van mensen, bijvoorbeeld als ze uit loondienst gaan en zelfstandige worden. Als jongere spaar je meer. Dat verdien je op latere leeftijd terug, als je tenminste blijft zitten waar je zit. Die vlieger gaat steeds minder vaak op. Daarom vindt de VVD dat verplichtstelling moet worden gemaximeerd. Ook bij werkloosheid of arbeidsongeschiktheid doen we dat. Waarom kan dat dan niet bij het pensioen?”
Bovendien, zo stelt Blok, krijgen pensioenfondsen te maken met steeds mondiger wordende deelnemers. Dat maakt de roep om een indexatielabel volgens hem alleen maar groter. “Pensioen is voor veel mensen ver van mijn bed. Maar als mensen gaan zien dat hun pensioenmannetje toch wel erg diep gebogen loopt, gaan ze op verjaardagen aan hun buurman vragen wat zijn situatie is. Blijkt die veel beter, dan komen er ongetwijfeld vragen aan de werkgever. Die moet dan zeggen: Maar u heeft niks te kiezen. Die tendens moeten pensioenfondsen onder ogen zien, anders zagen ze in hun eigen fundamenten. Binnen een fatsoenlijk solidair systeem is meer vrijheid noodzakelijk.”
Gevoelige pensioensnaar
Als het aan Blok ligt, gaan pensioenfondsen dus met elkaar concurreren. En daarmee raakt hij een gevoelige pensioensnaar. “Maak de pensioenregeling bij wet verplicht, maar houdt de pensioenuitvoering daarbuiten. Pensioenfondsen en verzekeraars moeten onderling strijden voor de regeling die verplicht is en die in de CAO is afgesproken. Dat komt de efficiency en de klantvriendelijkheid alleen maar ten goede. Bovendien zorgt dat voor een meer marktgerichte instelling van pensioenfondsen, want daar ontbreekt het aan.”
Die opmerking schoot bij ABP en PGGM in het verkeerde keelgat. En lokte de reactie uit dat Blok maar weinig kaas gegeten heeft van de Nederlandse pensioensector. René van de Kieft, CFO bij PGGM, noemde zijn opmerkingen 'ronduit misplaatst'. “Dat geeft in ieder geval aan dat ik met mijn artikel een gevoelige snaar heb geraakt en laat zien dat ik geen onzin heb geschreven. Dan waren de reacties nooit zo fel geweest.”
Blok: “PGGM en ABP eten het liefst van twee walletjes. De wettelijke verplichtstelling garandeert een gigantisch klantenbestand, dat ze als het aan hen ligt, inzetten voor het aanbieden van verzekeringsproducten. Daarmee zoekt men de grenzen van de wet op. De rechter moet nu gaan bepalen wat wel en niet mag. Die bureaucratische controleslag kunnen we ons besparen als we op aanbestedingsbasis werken. Dan zeg ik: Jongens, als jullie echt zo graag die markt op willen, laten we dan die knoop doorhakken.”
De boer op met onze kennis
Dat Nederland een financieel centrum moet worden, daarmee is de VVD het volmondig eens. Pensioenfondsen moeten daarin een belangrijke rol gaan spelen, vindt Blok. “In de Nederlandse financiële industrie zitten prachtige bedrijven, maar echt onderscheidend van andere landen zijn die niet. Onze pensioenfondsen zijn dat wèl. Zeker fondsen als het ABP en PGGM zijn bijzonder en behoren tot de grootste van de wereld. Zij moeten worden uitgerust om die bijzondere Nederlandse capaciteit te vermarkten.”
Als het aan de VVD ligt, gaan pensioenfondsen zo snel mogelijk de boer op met hun kennis. “Wij kunnen met recht en rede zeggen dat wij het beste pensioensysteem ter wereld hebben. Dat is een uitstekende positie om tegen andere landen te zeggen, 'Dat kan je zus of zo doen,' en daarvoor dan de rekening te presenteren.”
Blok noemt hiervoor de opkomende markten goede kandidaten, maar Nederland heeft volgens hem West-Europa ook nog veel te bieden. “Misschien valt het hier nog wel het meest in vruchtbare aarde. Minder ontwikkelde landen maken vaak direct de stap naar Defined Contribution(DC)-systemen, terwijl het driepijlersysteem in West-Europa wellicht makkelijker voet aan de grond krijgt.”
API's en Europa
Of de API's hierin een rol kunnen spelen, hangt af van hoe die zouden worden ingevuld, vindt Blok. “ABP en PGGM zijn geen voorstanders van de API's. Kennelijk beantwoorden die dus niet aan hun vraag. Verzekeraars zijn wel in het buitenland actief, dus de vraag is of de API nog wel voorziet in de behoefte.”
Ook minister Donner heeft op API-vlak nog wel een en ander uit te leggen. “Hij heeft ons een brief gestuurd, maar die was veel te vaag. Het is helemaal niet duidelijk onder welk toezicht ze zullen vallen: pensioen- of verzekeringstoezicht. Ook is niet duidelijk of het Europese of het Nederlandse minimumniveau wordt gehanteerd. Dat lijken me wezenlijke zaken. Daarover hoor ik graag reactie vanuit de sector. Wat denken zij nodig te hebben om ervoor te zorgen dat marktpartijen naar Nederland komen in plaats van naar Ierland?”
Dit laatste is volgens de VVD nog zeker actueel. “Ondernemingspensioenfondsen zijn wel degelijk bezig om naar Ierland te gaan. Ik maak mij zorgen om onze concurrentiepositie. Wij moeten voorkomen, en dat moeten we nu doen, dat een groot deel van de Nederlandse pensioenindustrie naar het buitenland vertrekt.”
Dat dit momenteel juridisch en administratief gezien nog steeds erg moeilijk is, wijst Blok deels van de hand: “Voor Defined Benefit (DB)-systemen is dat nog moeilijk, maar voor DC-fondsen is dat niet het geval. De wereldwijde markt is veel meer DC dan DB. Dus als je een stroom de andere kant op, dus richting Nederland wilt creëren, moet je voor beide aantrekkelijk zijn.”
Dat geldt ook op het gebied van uitbesteding van vermogensbeheer, vindt Blok. Volgens hem tonen de Nederlandse pensioenfondsen niet de ambitie om zelf grote marktpartijen te worden op dit gebied. “Nederlandse fondsen besteden steeds meer uit aan buitenlandse partijen. Die beweging zou natuurlijk de andere kant op moeten zijn. Er heerst een idee van: 'We zijn op pensioengebied de allerbeste, maar dat weet de rest van de wereld niet en laten we dat maar zo houden'.”
De portability-richtlijn, die de arbeidsmobiliteit tussen de lidstaten moet vergroten, daar was ook de VVD tegen. “Zoals het er lag, betekende de richtlijn alleen maar heel veel verplichtingen voor Nederlandse pensioenfondsen omdat wij die nu eenmaal hebben. De basisgedachte dat je je pensioen kunt meenemen, vinden wij goed. Als men het eens kan worden over een soort 'lightversie' die niet enkel Nederland inzeept met verplichtingen, maar waarbij de lasten eerlijk worden verdeeld, lijkt mij dat prima.”
Vragen aan DNB
Over het geschil dat de havenarbeiders hebben met hun voormalige pensioenbeheerder Optas neemt de VVD nog geen standpunt in zolang het geschil nog bij de rechter ligt. “Ik vraag mij vooral af waarom de sociale partners indertijd toestemming gaven om het pensioenfonds om te zetten in die verzekeraar. Relevante vragen zijn of dit bijvoorbeeld maar in kleine kring is besproken en wie ervoor verantwoordelijk is. Nu wordt het bij de overheid neergelegd zonder dat deze vragen zijn beantwoord. Dat beïnvloedt namelijk de vraag wie er eigenlijk voor de spuit gehouden moet worden.”
Over het vastgoedschandaal waarbij pensioenfonds Philips betrokken is geraakt, heeft Blok Kamervragen gesteld. “Ik wil weten of De Nederlandsche Bank niet had kunnen constateren dat het rendement jarenlang achter bleef. Daarop kreeg ik een vaag antwoord: Er zou niet al te specifiek op individuele gevallen ingegaan kunnen worden. Een ander argument was dat DNB meer op solvabiliteitsnormen let dan op rendement. Hoe kan dit worden voorkomen? Die vraag stel ik zeker nog aan DNB. Ook in dit geval moet er nog veel helder worden. Dat beeld heb ik niet zolang er ook geen rechterlijke uitspraak is.”
Printbare versie
Related articles:
|