Gerard Riemen: 'Krachtenbundeling is op alle fronten nodig'

Gepubliceerd op:  28 Augustus 2008 (Augustus/September 2008)
— Riemen: "Het behoud van de eigen identiteit is voor alle partijen even belangrijk."

Als kersvers directeur van de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen (VB) krijgt Gerard Riemen meteen een aantal pittige dossiers voor de kiezen. Gelukkig is de pensioensector voor hem geen vage bekende. “Het is leuk om oude dossiers terug te zien.” Daarnaast is hij vastberaden om van de prille samenwerking met de andere pensioenkoepels een succes te maken.

In zijn functie als afdelingshoofd pensioenbeleid bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) was Riemen nauw betrokken bij het opstellen van wet- en regelgeving voor de pensioensector. Die regelgeving wordt door de pensioenindustrie niet zelden ervaren als onnodige ballast. “Dat is vanuit mijn nieuwe positie gezien amusant”, vertelt Riemen. “Veel van die regelgeving heb ik zelf gemaakt. Ik weet uit ervaring dat het veel gemakkelijker is om een probleem te definiëren dan om het op te lossen. Niemand heeft baat bij onnodige regels. Door mijn werk bij SZW weet ik wat er in de sector speelt, alleen zit ik nu aan de andere kant van de tafel. De pensioensector is heel welwillend in het aanpakken van problemen en heeft zich bewezen in het dragen van heel veel eigen verantwoordelijkheid. Nu zeg ik dan ook tegen die overheid: geef ze de kans om die naar eigen inzicht in te vullen.”

Eén van de pijnpunten is de pensioencommunicatie. Nu dit in de Pensioenwet is verankerd, zit ook de politiek er bovenop. Aan politici uitleggen dat de sector best in staat is zelf hierop een antwoord te formuleren, beschouwt Riemen als één van zijn nieuwe opdrachten. Al erkent ook hij dat het geen sinecure is het pensioenbewustzijn van de gemiddelde Nederlander te vergroten. “In de sector heerst een absolute drive om deelnemers het juiste verhaal te vertellen. Iedereen wenst transparant te zijn in zijn communicatie. De sector weet zelf het beste wat de juiste manier is om deelnemers te informeren. Laat ze dat dan ook zelf doen. Tegelijkertijd: je kunt communiceren wat je wilt, maar jongeren zijn helemaal niet bezig met hun pensioen. Bovendien vertrouwen mensen er blindelings op dat het allemaal wel snor zit.”


“Een gezonde vorm van pensioenpaternalisme is helemaal niet erg”

Dit doet volgens Riemen absoluut niets af aan de inspanningsverplichting die pensioenfondsen hebben om te blijven communiceren. “Als het totale financiële bewustzijn van de Nederlander enorm laag is, kun je niet verwachten dat dat op het gebied van pensioenen anders is. Dat is geen reden om op te geven, maar ik vraag aan de politiek begrip voor de context waarin wij ons werk moeten doen. Veel economen gaan er nog steeds van uit dat de rationeel calculerende burger bestaat. Dat is ‘bloody nonsense’. Daarom is een gezonde vorm van pensioenpaternalisme helemaal niet erg. Het is fijn dat wij in Nederland tegen onze 25-jarigen kunnen zeggen: ‘Het wordt voor je geregeld’. Dat is precies de reden van ons bestaan. Samen met de overheid en de sociale partners nemen wij besluiten voor die niet zo calculerende burger.”



Wetsartikelen 5,6 en 7

De rechter oordeelde ruim een jaar geleden dat pensioenreuzen ABP en PGGM (nu Zorg & Welzijn) de burger op het verkeerde been hadden gezet met het aanbieden van levensloopregelingen via hun dochterondernemingen. De Bond van Verzekeraars spande een rechtszaak aan omdat volgens hen artikelen 5, 6 en 7 van de Wet op de Verplichte Deelneming in een Bedrijfstakpensioenfonds werden overtreden. Dat werd in hoger beroep in april van dit jaar bevestigd. De boete van 1,3 miljoen euro per pensioenfonds die DNB had opgelegd, moest worden betaald. ”Laat het helder zijn: wij staan voor de verplichtstelling," aldus Riemen, "een stuk regelgeving waardoor deze op de tocht komt, is absoluut niet wensenlijk. Tegelijkertijd is de link met de verplichtstelling zoek. Je wilt toch dat iedereen tegen misleiding wordt beschermd? Ook als deelnemer bij een opf, of bij een verzekeraar. De artikelen zijn niet helder genoeg. Toen de artikelen 5, 6 en 7 werden geschreven, was de situatie heel anders dan nu.”

En dat mag hij zeggen, vindt hij: “Ik heb ze namelijk zelf geschreven. Wat er nu gebeurt, is dat DNB beleidsregels heeft gemaakt met betrekking tot die artikelen. Daarvan heeft de VB vanaf het begin gezegd dat die regels niet stroken met wat er in die artikelen wordt beoogd. Mijn fondsen krijgen nu vermaningen en boetes voor de meest absurde dingen omdat ze zich niet aan de wet zouden houden. Dat is een totaal doorgeschoten zaak. Daarom zijn we in gesprek met SZW, want daar moeten we dringend vanaf.”

Volgens Riemen is de geest weer in de fles omdat pensioenfondsen zich nu dienen te houden aan de Pension Fund Governance Code. “Hierin is heel duidelijk vastgelegd dat een pensioenfonds bij zijn kernbedrijf dient te blijven. Daarnaast zijn onder druk van de overheid PGGM en APG op de markt gekomen. De overheid wenste die splitsing van uitvoerder en pensioenfonds. Daarmee zegt men dat die instanties met al hun kennis de markt op moeten. Dat is een goede zaak. Voor ieder pensioenfonds is het goed dat er een concurrerende en competitieve markt van pensioenuitvoerders gaat ontstaan. Dan moet je geen wetgeving hebben die dit belemmert en die de uitvoerders beperkt in hun werkzaamheden.”

Riemen vindt bij SZW een welwillend oor, maar het probleem precies definiëren blijft lastig. “Dat is gewoon zoeken. Een toezichthouder die harkerig boetes blijft uitdelen maakt je het er niet gemakkelijk op. Gedogen mag natuurlijk niet, maar even wat druk van de ketel en met zijn allen een goed gesprek aangaan is momenteel meer dan wenselijk.”



Samenwerking pensioenkoepels

Terwijl de grote pensioenfondsen van hun uitvoeringsorganisaties scheiden, zoeken de kleintjes juist steeds meer aansluiting bij elkaar. Pensioenfondsen zelf zijn meer en meer genoodzaakt om de krachten te bundelen. De professionalisering die nodig is om te voldoen aan de Pensioenwet maakt het er zeker voor kleinere fondsen niet gemakkelijker op, weet ook Riemen: “Dat is gewoon lastiger in je eentje. Dan heb ik het niet per definitie over de kwaliteit van pensioenfondsbestuurders, maar over het hele plaatje: de transparantie, de wijze waarop je communiceert, het FTK en dergelijke. Als men om die reden op zoek gaat naar samenwerking, om fondsen onderling sterker te maken en te profiteren van schaalvoordelen, is dat alleen maar mooi.”

Maar consolidatie vanuit verkeerde motieven, daarover is Riemen duidelijk: "Een opf dat uit nood zoiets heeft van, ‘hoe houden we in hemelsnaam ons hoofd boven water? Dan maar aansluiting bij een bpf of bij een verzekeraar’, dat moeten we niet willen. Dat is geen consolidatieslag, maar kaalslag. Dat tij moeten we proberen te keren.”

Niet alleen pensioenfondsen zien zichzelf genoodzaakt om de mogelijkheden tot samenwerking te verkennen. Sinds april van dit jaar besloten de pensioenkoepels om vaker gezamenlijk op te treden. Dat is gezien de vele overeenkomstige belangen een logische, maar volgens Riemen ook zeker een noodzakelijke stap. “Een goede samenwerking tussen de koepels is voor de pensioenindustrie in Nederland een absolute zegen. In mijn oude functie zag ik hoe funest het is als je niet samenwerkt. Vanaf de eerste gesprekken heb ik het belang hiervan duidelijk gemaakt. Al ben ik me er terdege van bewust dat er cultuurverschillen zijn en dat de belangen soms uiteenlopen. Het moet niet ten koste gaan van waarvoor je op aarde bent.”

Het behoud van de eigen identiteit is voor alle partijen even belangrijk, weet Riemen. “Als buitenstaander lijkt het gemakkelijk: ‘Waarom niet gewoon samen, dat ligt toch voor de hand? Waar doen ze toch moeilijk over?’ Dat is veel te simpel gezegd. Bij de verschillende koepels spelen óók verschillende belangen. Daarom hebben we een aantal lastige dossiers benoemd. Daarbij zitten naast gemeenschappelijke belangen, ook zaken bij waarvan we traditioneel weten dat de meningen uit elkaar lopen, zoals het dossier van de waardeoverdracht. Toch hoop ik dat we in september hierover gezamenlijk een ei zullen kunnen leggen.”

Het kan volgens Riemen ook gebeuren dat je er op een bepaald dossier gewoon niet uitkomt. “Dat hoop je natuurlijk niet, maar het hoeft geen ramp te zijn. Ik heb er vertrouwen in dat we op de goede weg zijn, al durf ik de samenwerking nog niet uit te roepen tot een succes, daarvoor is het allemaal nog te pril. Haast is in deze een slechte raadgever. Je moet eerst een tijdje ervaring opdoen met elkaar. Samengaan is iets van geven en nemen. Idealiter groeien we zo naar elkaar toe, dat iedereen ervan overtuigd is dat het kleine beetje dat je als organisatie inlevert, heel veel moois heeft opgeleverd.”






Riemen over inflatiem

Veel pensioenfondsen zagen ten gevolge van de kredietcrisis hun buffers aanzienlijk slinken. Maar de bitterste pil die ze momenteel moeten slikken is de stijgende inflatie. Pensioenreus APB maakte onlangs bekend dat het de pensioenen in 2009 misschien niet aan de inflatie kan aanpassen. Riemen: “De kredietcrisis heeft rake klappen uitgedeeld. Dat is niet leuk, maar daarover hoeft men zich niet zenuwachtig te maken. Pensioenfondsen zijn langetermijnbeleggers. Inflatie is vele malen zorgelijker.” Pensioenkoepels staan in deze redelijk machteloos, beaamt Riemen. "Je kunt slechts met zijn allen blijven tamboereren dat de ECB en het kabinet een beleid moeten voeren dat de inflatie in toom houdt. Ook veel fondsen kunnen niet anders dan machteloos toekijken en hopen dat het snel voorbij gaat. Zeker de kleintjes.” Pensioenfondsen proberen hun beleggingsportefeuille zodanig in te richten dat men zo goed mogelijk tegen inflatie is ingedekt. Maar met een langdurig aanhoudende inflatie is dat knap lastig, weet Riemen. “Je kunt binnen je beleggingsbeleid proberen de consequenties van inflatie op te vangen. Maar het is moeilijk." "Je ziet uitvoeringsorganisaties APG en PGGM met hun kennis en expertise nog iets kunnen uitrichten tegen inflatie. Van een gemiddeld pensioenfonds kun je die know-how niet verwachten. Inflatie is gewoon het laatste wat wij als pensioenfondsen kunnen gebruiken. Daar is heel moeilijk iets tegen te doen.”






CV

Gerard Riemen (1963) is afgestudeerd in de Sociale Zekerheidswetenschap (1988) en in de Economie (1989) aan de Universiteit van Tilburg. Na zijn studie werd hij beleidsmedewerker bij de Sociale Verzekeringsbank. In 1990 stapte hij over naar het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) waar hij werd belast met de Organisatiewet Sociale Verzekeringen. Per 1 januari 1993 ging hij naar de Afdeling Volksverzekeringen en Pensioenen. Bij de afdeling Algemene Vraagstukken en financiering waar hij vanaf 1995 werkte, was hij betrokken bij het opstellen van diverse sociale nota’s, de kabinetsnota Werken aan Zekerheid en het wetsvoorstel geïntegreerd middelenbeheer. In 1997 keerde hij weer terug naar de afdeling Volksverzekeringen en Pensioenen, eerst als coördinator, later als afdelingshoofd. Tot april 2007 is hij als afdelingshoofd/plaatsvervangend directeur van de directie Arbeidsverhoudingen intensief betrokken geweest bij alle belangrijke pensioendossiers. Per 1 april 2007 werd hij benoemd tot directeur van de directie Uitvoeringsbeleid bij SZW. Sinds 1 juni 2008 is Riemen directeur van de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen.



Anke Claassen

Printbare versiePrintbare versie
Stuur deze artikel naar een vriend.Stuur deze artikel naar een vriend.

 




Headlines van andere FT Business publicaties
DPN: Deutsche Pensions & Investment Nachrichten
• Zeit für Immobilien und Firmenanleihen
• PWC wappnet sich für Inflation
• Nicht immer mit Liebe: Brüssel gibt der bAV den Takt vor
Nordic Region Pensions & Investments News
• AP funds rooted in conflict
• Henrik Heideby
• Playing the equity market with commodities
Pensions Management - the magazine for pension & investment industry professionals
• Friends Provident MD dies following illness
• Wrapping it up
• Cash in the attic
Professional Wealth Management
• Identifying stable returns
• Making the case for multiple choice
• GROWTH FROM WITHIN THE HSBC MACHINE
NIEUWSBRIEF



 ARCHIEF




Contact

Abonnementen

Privacy Policy

Terms and Conditions

Webmaster

Mailing address: Financial Times Ltd, Number One Southwark Bridge, London, SE1 9HL, United Kingdom

© The Financial Times Limited 2010