‘Pensioenfondsen blijven in 2009 gewoon hun rol vervullen’
door Door Anke Claassen
Gepubliceerd op: 15 December 2008
Het Nederlandse pensioenstelsel heeft het afgelopen jaar zijn robuustheid bewezen, stelt André ten Damme, chief financial officer van vermogensbeheerder APG. “Misschien wordt 2009 wel het jaar van de relativering. Als je de huidige situatie van pensioenfondsen in het juiste perspectief plaatst, hoef je je weinig zorgen te maken.”
Het is een grijze novembermorgen als Ten Damme zijn visie op het afgelopen jaar geeft.Vanuit zijn kantoor heeft hij uitzicht op het deel van Schiphol waar de brandweer regelmatig oefenoperaties uitvoert op vier grote Boeings. Waar rook is, is vuur, heeft Ten Damme ook aan zijn kant van het kantoorraam ondervonden. Hij heeft immers allesbehalve een rustig jaar achter de rug. Toen de CFO een jaar geleden aantrad, kon hij moeilijk voorspellen in wat voor een turbulente omgeving hij zou belanden. Het ambtenarenpensioenfonds werd van haar uitvoeringsorganisatie gesplitst, waardoor hij de financieel leider van een geheel nieuw bedrijf werd. Dat feit op zich was voor hem natuurlijk niet nieuw. Maar de kersverse vermogensbeheerder APG moest zichzelf meteen bewijzen in de hevigste crisis van de afgelopen decennia. “Dat mijn leercurve zo stijl en zo snel omhoog zou gaan, had ik niet verwacht. 2008 was voor ons in verschillende opzichten een markant jaar. Hiervoor bestond APG niet. Het is verbluffend om te zien dat onze aanwezigheid in zo’n kort tijdsbestek als vanzelfsprekend wordt gezien. De Nederlandse pensioensector is een geweldig werkterrein waarvan de maatschappelijke relevantie nog steeds wordt onderschat. Al brengt de kredietcrisis daar wel enigszins verandering in.”
Ondanks de vele miljarden die de afgelopen maanden in rook zijn opgegaan wordt er volgens Ten Damme op alle fronten hard aan de weg getimmerd om de beeldvorming rondom het Nederlandse pensioenvermogen op de juiste waarde te schatten. Dat laat volgens hem zien dat de sector heel goed doordrongen is van het maatschappelijke belang. “Dat is een positieve opsteker in deze tijden. Ook vanuit de samenleving worden vragen gesteld over vertrouwen. Mensen hebben in de afgelopen maanden gemerkt dat het niet meer vanzelfsprekend is dat je je banksaldo te allen tijde kunt ophalen. Dan krijgt het feit dat je wel gewoon je pensioen krijgt uitgekeerd ineens een veel hogere waarde. De sector draagt een realistisch beeld van de situatie uit en speelt geen paniekvoetbal. Het is bewonderenswaardig dat daar op zo’n korte termijn een balans in is gevonden. Dit geeft ons de mogelijkheid om ons doel voor ogen te blijven houden: het verwezenlijken van een goed pensioen op de lange termijn.”
En dat is wat de sector volgens hem dan ook prima doet. Pensioenfondsen zijn vanwege hun lange horizon een stabiliserende factor in de economie, juist in tijden van crisis. Ook al stemmen de cijfers allerminst vrolijk. Vrijwel alle pensioenfondsen zijn in het kader van de Pensioenwet genoodzaakt om herstelplannen in te dienen. “We hebben het echt over tientallen procenten dekkingsgraaddaling in minder dan een jaar. Het is bijzonder dat je in zo’n kort tijdsbestek veertig procent daalt en dat je dan herstelplannen maakt waarin je moet aantonen dat je in vijftien jaar ongeveer 25 procent stijgt. Dat geeft een onwerkelijk gevoel over aannames en realiteit.”
Daarom noemt Ten Damme de reactie van De Nederlandsche Bank (DNB) om het indienen van de herstelplannen met ongeveer drie maanden te verlengen ‘buitengewoon verstandig’. “In deze tijden heeft iedereen opmerkingen over wetgevers en toezichthouders. Deze specifieke maatregel is mijns inziens een goede poging om de balans tussen formele regelgeving en de feitelijke materiële kanten van deze extreme omstandigheden te zoeken. Deze periode zal een aantal leerpunten opleveren ten aanzien van de huidige wetgeving en de toepasbaarheid ervan in extreme situaties. Al lijkt het mij niet verstandig om tijdens de wedstrijd al teveel spelregels te veranderen. Laten we dat doen in rustiger tijden.”
Discipline en rigiditeit
De enorme omvang van de crisis en de impact ervan op alle gelederen in de financiële markten is voor sommigen een reden om te twijfelen of het kopen van aandelen op dit moment wel verstandig is. In de regel verkopen pensioenfondsen hun aandelen in goede tijden om het percentage in deze beleggingscategorie niet al te veel op te laten lopen en kopen ze juist in slechte tijden om het percentage in stand te houden. Bijna niemand heeft ervaring met een extreme situatie als deze. Ten Damme krijgt hier dan ook veel vragen over. “Voor zover ik weet kopen bijna alle pensioenfondsen nog steeds aandelen bij. Het beeld dat pensioenfondsen in dit soort situaties massaal zouden moeten verkopen is begin van deze eeuw ontstaan. Dat is een slechte zaak, want daar reageren financiële markten als New York en Londen weer op. Daarom was ik erg blij met de reactie van DNB dat pensioenfondsen absoluut niet gedwongen zijn om te verkopen. De situatie is vervelend, maar men moet onderscheid blijven maken voor welk doel je een bepaalde keuze maakt. Pensioenfondsen beleggen niet in aandelen om er volgend jaar rijker van te worden. Het kan best zo zijn dat er over tien jaar wordt gezegd: 'Instappen op dit niveau was het beste wat we konden doen.' Alleen nu weten we dat niet. Het is gevaarlijk om in het kader van het langetermijnperspectief uitspraken te doen over wat er een paar maanden geleden had moeten gebeuren of wat we voor de toekomst kunnen verwachten. Een foute inschatting kan immers desastreuze gevolgen hebben. Als je nu voor bijvoorbeeld twee maanden uit bepaalde aandelen stapt en achteraf blijkt dat dat de beste twee maanden in een tienjaarsperiode zijn geweest, verlies je de complete premie op aandelen voor die tien jaar. Dus rest ons weinig anders dan het hanteren van een strikt gedisciplineerde beleggingsstrategie. Een beter alternatief is mij niet aangereikt. Dus dat is wat we doen.”
Een ander punt waar pensioenfondsen volgens Ten Damme op moeten blijven letten is de inflatie. Ook al zijn de inflatieverwachtingen in de afgelopen maanden weer behoorlijk in positieve zin bijgesteld. “Het woord inflatie heb ik de afgelopen twee maanden niet meer gehoord. Een half jaar geleden was dat hét debat. Nu moeten we met zijn allen niet doen of inflatie de komende twintig jaar geen rol van betekenis meer zal spelen. We moeten oppassen dat we dat soort aspecten ook in deze tijden blijven meenemen. Dus het nemen van maatregelen die onvoldoende aandacht besteden aan inflatierisico’s is onverstandig. We willen immers met zijn allen pensioenen aanbieden die met de inflatie meegaan. Ditzelfde geldt voor de indexatieverwachtingen voor de komende jaren. Wij hebben in Nederland de neiging om direct van de leg te raken als we een dekkingsgraad van onder de honderd zien. Daar zijn wij hier gewoon niet aan gewend. Je kunt ook zeggen: waarvoor waren die buffers bedoeld? Als eerste dienen ze om klappen op te vangen en als tweede dienen de buffers als een basis om te kunnen indexeren. Die eerste taak hebben ze bijzonder goed vervuld als je bedenkt dat we klappen van tientallen procenten kunnen opvangen zonder dat er draconische maatregelen nodig zijn. Dat is in andere landen echt wezenlijk anders. Daar komt de vraag of toekomstige generaties nog pensioen zullen ontvangen wel degelijk dichterbij. Onze pensioenfondsen zijn perfect in staat om hun rol ook in de toekomst te blijven vervullen.”
Toekomstperspectief
Ten Damme denkt dat in 2009 verschillende vragen omtrent regelgeving ter discussie zullen worden gesteld. Al hangt dat volgens hem sterk af van de duur van de recessie en de duur van de huidige paniek. ‘The International Financial Reporting Standards’ (IFRS) die bepalen dat bedrijven moeten rapporteren op basis van ‘fair value’ hebben sommige ondernemingen wellicht dichter bij de afgrond gebracht. Hij ziet het feit dat een artikel uit het anders zo logge IFRS-systeem zo rap op Europees niveau kon worden gewijzigd, als een teken dat actief wordt gezocht naar methodes om de financiële sector op alle mogelijke manieren bij te staan.Ten Damme refereert aan de wijziging van de IAS 39, die gaat over de waardering en opname van financiële instrumenten en die pensioenfondsen niet direct raakt. “Zo’n wijziging is voor het publiek niet zo zichtbaar, maar is voor de waarderingsmethoden van voornamelijk banken en verzekeraars een enorme verlichting. We moeten onszelf de vraag stellen welke rol marktwaardering heeft gespeeld in het ontstaan en de omvang van de huidige crisis. Begrijp me goed, marktwaardering is een groot goed. En de rigide doorvoering van marktwaarde in alle haarvaten heeft de crisis niet veroorzaakt, maar heeft het tempo waarmee deze crisis doorwerkt in de reële economie wel degelijk versneld. Daar zijn zeer concrete aanwijzingen voor. Een grote vraag, die ik nog niet kan beantwoorden, is of marktwaarde straks ook een bijdrage zal leveren aan het hersteltempo. Laten we daar op hopen. In 2009 zullen de eerste stappen worden gezet voor een brede discussie over ons financiële systeem en de vraag wat je aan de vrijheid van de markt kunt overlaten. Ook marktwaardering zal in die context worden geplaatst.”
Dit geldt volgens hem zowel op nationaal als op internationaal niveau. “Op het vlak van pensioenen denk ik dat we pensioenregelingen, wetten en toezichtkaders steeds meer vanuit een internationale context zullen beschouwen. Ik heb de stellige hoop dat ook in andere landen het belang van een kapitaalgedekt systeem zoals wij dat in Nederland kennen nog verder wordt onderkend. Als de storm optrekt en er is uitzicht op enige vorm van herstel, hoop ik dat men op mondiaal niveau inziet dat het sparen voor de oude dag een solide basis is en landen minder kwetsbaar maakt voor toevallige economische omstandigheden. APG zal zeker een bijdrage leveren aan die discussie.”
Ten Damme behoort niet tot de selecte groep doemdenkers die een herstel van de economie uitsluiten. Het komt volgens hem wel goed, ook met de pensioensector. “Misschien wordt 2009 wel het jaar van de relativering. Als je de huidige zorgen bij pensioenfondsen in perspectief plaatst, – pensioenfondsen zijn de komende jaren immers perfect in staat om pensioenen uit te keren – kun je het allemaal wat rustiger bekijken. Dan hoef je je eigenlijk weinig zorgen te maken. Maar als je er een diepgewortelde overtuiging op nahoudt dat er in de toekomst geen sprake is van herstel is dat een ander verhaal. De hamvraag is: Zien we beterschap in een tijdsbestek van vijftig jaar? Ik denk het wel.”
CV
André ten Damme (1964) studeerde Informatica aan de Universiteit Twente, afstudeerrichting Bestuurlijke Informatica. Vier jaar later volgde hij de postdoctorale opleiding tot Registercontroller aan de Vrije Universiteit Amsterdam en weer vier jaar later de postdoctorale Beroepsopleiding Management Consultancy bij het SIOO.
Zijn carrière begon in 1988 bij Moret Advies als organisatieadviseur. In 1997 werd André ten Damme partner in de maatschap Ernst & Young Consulting, waar hij lid was van het managementteam Financial Services.
In 2004 werd hij CFO bij Capgemini Nederland. Vanaf december 2007 is Ten Damme werkzaam als CFO bij Stichting Pensioenfonds ABP en sinds 1 maart 2008 als CFO van APG Groep.
Printbare versie
Stuur deze artikel naar een vriend.
|