Pensioenfondsen moeten ‘corner stone’ aandeelhouders worden

Gepubliceerd op:  18 Mei 2009

Terwijl pensioenfondsen miljarden hebben verloren door de kredietcrisis, worden langetermijn-beleggers aangesproken op hun rol in het grootste financiële debacle sinds de jaren dertig, schrijft Maaike Veen

   
                                                                                      Jeroen van Bezooijen
   Frederik van Beuningen                      

Minister van financiën Wouter Bos verwijt institutionele beleggers bankbesturen te hebben opgejaagd. “We ontkomen niet aan de vraag wat de aandeelhouder heeft gedaan als het gaat om het voorkomen en het managen van deze crisis. Helaas – ik weet dat dat niet prettig is om te horen – is het antwoord: vrijwel niets.”

Bos sprak op een congres van Eumedion, de belangenvereniging van institutionele beleggers, over de rol van aandeelhouders. De minister verweet aandeelhouders van banken dat zij teveel focus hebben gehad op het nemen van risico en het maken van winst.

“Veel financiële instellingen hebben zich de afgelopen jaren juist opgejaagd gevoeld door hun aandeelhouders: de yields en de leverages werden opgedreven, met als resultaat luchtbellen die alleen gezond konden lijken door financiële risico's te negeren en weg te praten”, aldus de minister in zijn toespraak.

Lord Myners, de Britse minister voor de City (zoals het financiële district van Londen heet), liet zich eveneens scherp uit over de rol van institutionele beleggers. Hij neemt het aandeelhouders juist kwalijk onvoldoende betrokken te zijn geweest bij de ondernemingen waarin zij aandelen bezitten. Aandeelhouders hebben zich in zijn ogen opgesteld als ‘afwezige huisbazen’ die ‘te goed van vertrouwen zijn geweest en ondernemingsbesturen onvoldoende hebben uitgedaagd’. Het lijkt erop ‘alsof zij uit het zicht verdwijnen wanneer ze het meest nodig zijn’.

Paul Frentrop, hoofd corporate governance van APG Asset Management, is het fundamenteel oneens met Bos, maar onderschrijft de oproep van Myners dat aandeelhouders de plicht hebben om zich actief op te stellen. “Wij zijn als langetermijnbelegger slachtoffer van de crisis en ik zie niets waarvan wij de oorzaak of de dader zijn.”

Het is volgens hem niet zo dat ‘ING voor miljarden aan rare papieren heeft gekocht’omdat aandeelhou-ders de onderneming onder druk hebben gezet waardoor de bank onverantwoorde risico’s heeft genomen. “De commissie Maas (die het bankwezen onder de loep nam, red.) concludeert dat de banken niets fout hebben gedaan en geeft aandeelhouders de schuld. Dat is niet juist”, meent Frentrop tijdens een congres van Institutional Investors over actief aandeelhouderschap in Londen.

Centrale banken verwijtbaar

De crisis is ontstaan in de financiële sector; niet de aandeelhouders maar de centrale banken hadden beter moeten opletten, stelt Frentrop: “Die hebben veel meer bevoegdheden. Ze kunnen zelfs een bedrijf binnenvallen als het moet. Bij banken kunnen wij niets doen.” In de rest van het bedrijfsleven ziet hij niet dat er ‘heel veel is misgegaan’. “Leveraged overnames horen een beetje bij een hoogconjunctuur”, stelt Frentrop droogjes vast. Hij ontkent niet dat langetermijnaandeelhouders veel meer betrokken moeten zijn bij het ondernemingsbestuur en -beleid, maar dat is volgens hem een discussie die al veel langer loopt. “De financiële crisis wordt er met de haren bij gesleept.”

Rients Abma, directeur van Eumedion, de belangen-vereniging van institutionele beleggers, legt eveneens de beschuldigingen aan het adres van aandeelhouders naast zich neer. Hij wijst erop dat Eumedion al jaren voorop loopt in de discussie over corporate governance, die een impuls kreeg na de boekhoudschandalen in 2002 en 2003. “De langetermijnbelegger is al serieus bezig, maar het kan altijd beter.’’ Voor alle helderheid benadrukt Abma dat niet de aandeelhouders, maar het bestuur in eerste instantie verantwoordelijk is voor het uitstippelen van de strategie, het beleid en de daarbij horende risico’s. “Aandeelhouders horen en mogen niet op de stoel van het bestuur te gaan zitten.”

In eerste instantie zijn het volgens Abma de commissarissen die worden geacht, mede namens de aandeelhouders, om toezicht op de implementatie van de strategie uit te oefenen. Commissarissen krijgen van de belangenbehartiger een veeg uit de pan: “De raad van commissarissen speelt een belangrijke beschermende rol voor de aandeelhouders. Zij moeten veel meer betrokken zijn en veel deskundiger worden. Wij twijfelen maar al te vaak aan commissarissen. Het wordt veel te veel gezien als een erebaan in plaats van hands on betrokkenheid bij de strategie van de onderneming.”

Eumedion kreeg op het congres in Londen nog lof toegezwaaid; de organisatie wordt gezien als een goed voorbeeld van hoe institutionele beleggers de krachten kunnen bundelen. Eumedion heeft zich voorts opengesteld voor internationale partijen. “Het zou mijn leven een stuk makkelijker maken als er in elk land een Eumedion was”, zegt Frentrop.


Dialoog
Eumedion heeft de Erasmus Universiteit Rotterdam gevraagd te onderzoeken hoe de dialoog tussen ondernemingen en langetermijnaandeelhouders kan worden verbeterd: wat verwachten aandeelhouders van de raad van bestuur en de raad van commissarissen en andersom. “Ik denk dat daar nog veel onduidelijkheden zijn”, zegt Rients Abma, directeur van Eumedion. Het onderzoek, een kwalitatieve inventarisatie aan de hand van interviews met institutionele beleggers, zal naar verwachting eind dit jaar afgerond zijn.
De stichting Eumedion operereert als corporate governance-forum voor institutionele beleggers. De organisatie is sinds 2006 opvolger van de Stichting Corporate Governance Onderzoek voor Pensioenfondsen (SCGOP), die specifiek bepleitte dat pensioenfondsen een corporate governance-beleid voeren dat is gericht op de bescherming van hun aandelenbezit c.q. de verbetering van het risico-rendementsprofiel van hun beleggingen in aandelen. Eumedion is belangenbehartiger van een bredere groep institutionele beleggers en opereert internationaal.


Actief aandeelhouderschap Hoewel stemmen slechts één element van actief aandeelhouderschap is, blijkt dit wel een duidelijk meet-instrument. Zo bereikte de opkomst van aandeelhouders op Nederlandse aandeelhouders-vergaderingen in 2008 een nieuw record. Bij de AEX-ondernemingen bedroeg de participatiegraad van aandeelhouders op aandeelhoudersvergaderingen dat jaar gemiddeld 47,5%. In 2007 was dat nog 42,5%. Gemiddeld werd 45% van het totaal aantal stemmen uitgebracht, tegenover 40% in 2007, aldus een evaluatie van Eumedion. Het hoger aantal uitgebrachte stemmen leidt volgens Eumedion tot representatievere besluitvorming. Ondernemingen worden daardoor minder kwetsbaar voor toevallige aanwezige meerderheden en activistische aandeelhouders, aldus de belangenvereniging.

Aandeelhouders behaalden vorig jaar een aantal successen in het aanpakken van overdadige bestuurdersbeloningen. Philips, VastNed Retail, en Corporate Express werden gedwongen af te zien van de voor-gestelde beloningspakketten. Bij Shell lukte het echter niet om een omstreden aandelenplan voor de top van tafel te krijgen. Maar daarmee is het onderwerp niet van tafel. Ook dit jaar roept het bekende inter-nationale stembureau RiskMetrics aandeelhouders op om tegen de bonussen van de top te stemmen, omdat ze hun doelen niet zouden hebben gehaald.

Begin april weigerde een grote groep aandeelhou-ders de raad van commissarissen van KPN decharge te verlenen uit onvrede over de bonusaandelen die het wilde uitkeren aan de raad van bestuur. De wijziging van het beloningsbeleid stond voor APG, PGGM, de Vereniging van Effectenbezitters en een aantal andere institutionele beleggers om onbegrijpelijke redenen niet op de agenda. Uiteindelijk stemde een kleine meerderheid, 58%, toch voor decharge.

Frederik van Beuningen, oprichter en directeur van Teslin Capital Management, is kritisch over de rol van langetermijnbeleggers. Die hebben in zijn ogen wel degelijk een aandeel gehad in het ontstaan van de huidige financiële crisis omdat zij zich niet als actieve aandeelhouder hebben opgesteld.

Van Beuningen staat bekend om zijn actieve aandeelhoudersbeleid als belegger in kleine beursgeno-teerde ondernemingen. Zijn fondsen stellen zich op als een betrokken mede-eigenaar, die regelmatig overlegt met de overige grootaandeelhouders en het

bestuur van de betreffende onderneming. In zo’n overleg wordt onder andere de strategie van de onderneming bepaald en wordt gekeken in hoeverre de onderne-ming aandeelhouderswaarde creëert. “De rol van de aandeelhouder moet geprofessionaliseerd worden. Het is het hele jaar door aandeelhoudersvergadering”, aldus Van Beuningen.

Iedereen heeft het nu over het actieve aandeelhou-derschap dat het toezicht op ondernemingsbesturen moet verstevigen. Dat betekent volgens Bos mee-denken en meepraten over de optimale corporate governance-structuur die voor lange termijn

stabiliteit en winst zorgt. Het probleem is echter dat zo’n rol veel moeilijker is uit te oefenen bij grotere ondernemingen. Daar is het aandelenkapitaal zozeer gespreid onder talloze aandeelhouders dat niemand zich betrokken en verantwoordelijk genoeg voelt om invloed uit te oefenen. “Daarvoor heb je minstens een 3% belang nodig”, stelt Van Beuningen. “Met 5% zit je aan tafel. Dan kun je daadwerkelijk invloed uitoefenen op de samenstelling van het bestuur, de verdeling van de winst, grote strategische beslissingen, het belo-ningsbeleid en zaken als duurzaam ondernemen.”

Veel bedrijven zouden het fijn vinden om met een aantal ‘corner stone’ beleggers aan tafel te kunnen zitten, zegt Van Beuningen. “Het is belangrijk voor ondernemingen om stabiele aandeelhouders te hebben. Dan kunnen zij zich richten op ondernemen in plaats van dat ze elke drie weken analisten uit Angelsaksische landen moeten ontvangen. Dat vermindert de waan van de dag.”

Bestuursvoorzitter Hans Wijers van Akzo Nobel zei onlangs ook dat hij graag een stabiele groep grootaandeelhouders heeft zoals bijvoorbeeld Nederlandse pensioenfondsen. Pensioenuitvoerders en verzekeraars moeten wel interne belangenconflicten oplossen als zij én aandeelhouder zijn én het vermogensbeheer voor het ondernemingspensioenfonds van een bedrijf doen, signaleert Abma.

Van Beuningen claimt dat actief aandeelhouderschap zich ook vertaalt in een beter rendement. Hij vergelijkt het met de manier waarop participatiemaatschappijen betrokken zijn bij hun deelnemingen. Er zijn zeker onderzoeken die deze bewering staven, maar Frentrop neemt die claim met een korrel zout. “Ik zie geen direct verband. Ik zie corporate governance meer als een verzekerings-polis voor beter presteren”, reageert hij.

“Als geen enkele aandeelhouder een zeker percentage van de aandelen bezit, heb je een vacuüm in controle en zeggenschap”, erkent Frentrop. “Een goed voorbeeld is General Motors.” De oplossing voor beter toezicht is volgens hem dan ook dat aandeelhouders grotere belangen gaan nemen, zodat iedere onderneming een aantal grote aandeelhouders heeft. “Met 5% heb je een reden om het bedrijf goed te monitoren.”

APG en PGGM hebben beide aangegeven hun beleggingsportefeuille deels te zullen gaan concentreren in een kleiner aantal bedrijven. “Beleggers moeten wel”, zegt Frentrop. “Bij da-lende koersen is het niet genoeg om de index te volgen. We komen in een periode dat de koersen niet per definitie stijgen. Beleggers moeten hun stra-tegie wijzigen en zullen selectiever de betere bedrijven kiezen. Dan kom je automatisch uit bij minder ondernemingen en dus bij grotere belangen.

Dan is er weer de drijfveer om meer aan corporate governance te gaan doen. Grote aandeelhouders kunnen ook moeilijker hun belangen verkopen”, zegt Frentrop, die als hoofd corporate go-vernance tussen de portfoliomanagers op kantoor zit. Bij actieve beleggingsbeslissingen, dat wil zeggen het aankopen van aandelenbelangen groter dan de indexweging, weegt APG corporate governance zwaar mee.

Professionele beleggers moeten corporate gover-nance integreren in het beleggingsproces. “Gover-nance wordt nog steeds niet meegewogen”, signaleert ook de Amerikaan Andrew Clearfield van Investor Initiatives dat institutionele beleggers adviseert over corporate governance. “Het wordt nog steeds gezien als het aanvinken van hokjes voor de afdeling compliance”, zegt het oud-bestuurslid van het International Corporate Governance Network op het congres in Londen. Een fondsmanager verzuchtte: “De meeste fondsmanagers zijn niet geïnteresseerd in corporate governance. Zij zien het als een kostenpost in plaats van iets waarmee zij hun voordeel kunnen doen.”

Printbare versiePrintbare versie
Stuur deze artikel naar een vriend.Stuur deze artikel naar een vriend.

 




Headlines van andere FT Business publicaties
DPN: Deutsche Pensions & Investment Nachrichten
• Auf der Suche nach Standards
• Linksschiefe im Blick
• Heribert Karch: MetallRente
Nordic Region Pensions & Investments News
• Danish pensions giant to boost alternatives
• Truls Tollefsen, Vital Forsikring
• Responsible investment on the rise
Pensions Management - the magazine for pension & investment industry professionals
• Lehman Bros brings litigation case against Pensions Regulator
• Annuity providers nudged into action by Solvency II
• Industry calls for MIR to be exercised realistically
Professional Wealth Management
• Rebalancing for the new world order
• Applying quant methodology to beat the bank
• Return of the quants: Systematic investing to beat the market
NIEUWSBRIEF



 ARCHIEF




Contact

Abonnementen

Privacy Policy

Terms and Conditions

Webmaster

Mailing address: Financial Times Ltd, Number One Southwark Bridge, London, SE1 9HL, United Kingdom

© The Financial Times Limited 2010